Didactiek in Starttaal Compact

Didactiek in Starttaal Compact

De methodes Starttaal en Starttaal Compact zijn niet uit het niets ontstaan: tijdens het ontwikkelen van de methode hebben wij onderzoek gedaan naar wat een student echt helpt om taalvaardiger te worden. Tijdens dit ontwikkelproces hebben wij zelf veel geleerd en we delen onze kennis en inzichten over bewezen leertheorieën en effectieve taaldidactiek graag met u in de vorm van onze Literatuurbundel Starttaal. Als u hierover meer informatie wilt, kunt u een e-mail sturen naar nederlands@uitgeverij-deviant.nl.

Procesgericht leren

In Starttaal Compact bieden we zowel in het werkboek als in het handboek veel aandacht aan het belang van procesgericht leren. Juist voor studenten die weinig tijd hebben is het extra belangrijk om te leren van het eigen leerproces. Het is daarbij belangrijk dat de student niet alleen meer inzicht krijgt in wat hij leert maar ook in hoe hij leert.

Vijffasenmodel

Waar mogelijk bieden we de opdrachten in Starttaal Compact aan volgens het vijffasenmodel (Kouwenberg en Hoogeveen, 2007):

De kwaliteit van concrete eindproducten zoals brieven en artikelen verbetert aanzienlijk als de student zichzelf consequent controleert en verbetert. Ook het controleren en verbeteren van eindproducten van een klasgenoot heeft veel effect op enerzijds de kwaliteit van dat eindproduct en anderzijds op de kwaliteit van het eigen eindproduct.

Formatief evalueren

In Starttaal Compact zetten we in op formatief evalueren. Formatief evalueren houdt in dat je samen met de student bewijs van leren verzamelt met als doel het leerproces te verbeteren. Met Starttaal Compact sluiten wij zo veel mogelijk aan bij de vijf principes van formatieve evaluatie (o.a. Leren zichtbaar maken met Formatieve Assessment, Shirley Clarke, Bazalt):

  1. Verhelderen leerdoelen & succescriteria
    In de handleiding van de methode formuleren wij per taalvaardigheid concrete leerdoelen. Daarbij bieden wij duidelijke succescriteria per taak en moedigen we studenten aan om zelf over succescriteria na te denken. Dit gebeurt in de methode zowel in de oriëntatieopdracht als in de opbouwopdrachten per taalvaardigheid, zodat studenten zich direct bewust zijn van de succescriteria waaraan een bepaald eindproduct moet voldoen.
  2. Realiseren effectieve activiteiten die bewijs leveren voor leren
    In Starttaal Compact maken we leren zichtbaar door studenten onder andere inzicht te geven in hun eigen voortgang. Door studenten niet enkel eindproducten maar ook tussenproducten te laten controleren en te laten verbeteren, krijgen studenten meer inzicht in hun eigen leerproces.
  3. Feedback geven die gericht is op leren
    In Starttaal Compact spelen feedback en peerfeedback een belangrijke rol. Feedback is commentaar op het werk van een student met de bedoeling dat hij ervan leert én dat hij zijn werk kan verbeteren. In Starttaal Compact leren we studenten goede feedback op elkaars werk te geven. Hierbij geeft de student een waardering, licht hij deze waardering met voorbeelden toe en doet hij verbetersuggesties. In Starttaal Compact leren we studenten ook feedback te geven aan de hand van single-point-rubrics. Omdat studenten die een BBL-opleiding of een verkort traject volgen doorgaans minder tijd hebben, ligt de focus in Starttaal Compact primair op het controleren en verbeteren van eigen eindproducten. De mogelijkheid om peerfeedback te geven is per opdracht optioneel. Studenten bepalen zelf of in overleg met de docent of ze hiervoor voldoende tijd hebben.
  4. Studenten laten samenwerken
    In Starttaal Compact bieden we regelmatig de mogelijkheid aan studenten om samen te werken. Zinvol samenwerken heeft een groot effect op het leren. Studenten zijn binnen een samenwerking een belangrijke bron van informatie voor elkaar en kunnen elkaar vaak goed verder helpen met een opdracht. Echter, studenten die een BBL-opleiding of een verkort traject volgen zijn niet altijd in de mogelijkheid om samen te werken. Om die reden zijn alle opdrachten ook zelfstandig te maken. Achteraf om feedback vragen aan een klasgenoot is altijd mogelijk.
  5. Stimuleren van eigenaarschap over eigen leren
    Het is belangrijk dat studenten eigenaarschap over hun eigen leren hebben en ervaren. In Starttaal Compact wordt om die reden veel aandacht besteed aan zelfevaluatie. Ook houden studenten een taalportfolio bij en wegen ze zelf af welke tussen- en eindproducten zij in dit taalportfolio willen opnemen. Het geven van cijfers wordt in Starttaal Compact zo lang mogelijk uitgesteld; studenten krijgen eerst meermaals de kans om van fouten te leren en mogen hun tussen- en eindproducten verbeteren.

Bij de methode Starttaal Compact ontwikkelen wij in het kader van formatief evalueren leerdoelkaarten voor studenten en gespreksformulieren voor feed-up, feedback en feed-forward. Deze leerdoelkaarten en gespreksformulieren testen we gedurende schooljaar 2017-2018 tijdens een lesgeefpilot in de praktijk. Aan deze lesgeefpilot werken tien roc’s en meer dan 600 studenten mee.