Column Amin Asad

In de huidige maatschappij en het onderwijs willen we alleen maar hoger, hoger, hoger. Dat terwijl de talenten van studenten leidend zouden moeten zijn voor welk onderwijs ze kiezen. Amin Asad pleit ervoor dat mbo-docenten in gesprek moeten gaan met hun studenten, over hun kansen, het misleidende laag-hoogdenken en hun échte talenten.

Column Amin Asad

woensdag, 10 mei, 2023

In de huidige maatschappij en het onderwijs willen we alleen maar hoger, hoger, hoger. Dat terwijl de talenten van studenten leidend zouden moeten zijn voor welk onderwijs ze kiezen. Amin Asad pleit ervoor dat mbo-docenten in gesprek moeten gaan met hun studenten, over hun kansen, het misleidende laag-hoogdenken en hun échte talenten.

Miskenning van talent

 

‘Meneer, mijn stagebedrijf heeft me een baan aangeboden. Ik kan vier dagen in de week studeren en één dag bij hen een opleiding volgen. Voor 2500 euro bruto.’
‘Wauw, geweldig! Wanneer mag je beginnen?’
‘Ik ga het niet doen. Ik wil verder studeren.’
‘Waarom?’
‘Zodat ik een mooie baan kan krijgen.’
‘Maar die baan ligt er toch al?’
‘Nee meneer, een bétere baan.’

Inmiddels heb ik meer dan twee handen nodig om te tellen hoe vaak ik zo’n gesprek al heb gevoerd met mijn mbo-studenten. Altijd maar beter willen ze, altijd maar hoger. En in de huidige maatschappij betekent het hoogst haalbare een universitaire opleiding. We zien het duidelijk terug in de cijfers: steeds meer mbo-studenten stromen door naar het hbo en hbo-studenten naar de universiteit, steeds minder middelbare scholieren kiezen voor een beroepsopleiding.

Maar de opleidingen zijn geen trap, ze zijn een waaier, zoals minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Robbert Dijkgraaf zegt. Elke opleiding, of het nu gaat om een beroepsopleiding of wetenschappelijke opleiding, is van even grote maatschappelijke waarde. Met het hedendaagse ‘lager versus hoger’-denken misleiden we generaties studenten. We – ouders, politici, ja, zelfs docenten – prenten ze van jongs af aan al in dat beroepsonderwijs minder is dan wetenschappelijk onderwijs, ‘het hoogst haalbare’. De gehele samenleving schreeuwt om hoger, hoger, nóg hoger.

Maar deze types onderwijs, allemaal opzichzelfstaande onderdelen in die waaier, zijn zo verschillend dat ze nauwelijks met elkaar te vergelijken zijn. Ze herbergen zulke verschillende talenten. Als we studenten die goed zijn met hun handen, die weggelegd zijn om te floreren in een praktisch beroep, duwen naar een wetenschappelijke opleiding, een trefpunt van theoretische kennis, dan miskennen we hun talenten. Dan worden die verkeerd ingezet, met grote gevolgen, die zich nu al aandienen: een stijgende scheefgroei op de arbeidsmarkt, een gebrek aan vakmensen. Een gigantisch probleem voor de toekomst.

Als docent op een beroepsopleiding ligt hier voor jou een taak van levensbelang. Want waar de overheid deze scheefgroei op landelijk niveau moet gelijktrekken – bijvoorbeeld door ‘laag’ en ‘hoog’ en alles wat daaruit voortkomt uit het vocabulaire van mensen te weren en de lonen van vakmensen te verhogen – ben jij de belangrijkste schakel op microniveau: in de praktijk, voor de klas. Jij hebt namelijk goed zicht op de talenten van je studenten.

Daarom moet je niet alleen een vakidioot zijn. Nee, je moet ook een opvoeder zijn. Adem loopbaan en burgerschap: ga én blijf in gesprek met je studenten, over hun carrièreplannen, over hun kansen, over dat misleidende laag-hoogdenken, maar ook over de daadwerkelijke verschillen tussen beroeps- en wetenschappelijk onderwijs. Alleen zo komen ze erachter waar hun échte talenten liggen. Alleen zo kun je ze – uitzonderingen daargelaten, want sommige studenten passen ook daadwerkelijk beter in het wetenschappelijk onderwijs – adviseren om toch echt voor dat praktische beroep te kiezen.

Iedere keer dat een student zijn wens om ‘hogerop’ te komen met mij deelt, krijg ik de kans om hem ervan te overtuigen dat hij unieke talenten heeft. En dat die heel vaak liggen in die baan die hij aangeboden krijgt. ‘Jongen, die betere baan, die ligt voor het oprapen. Je bent daar echt goed in. En doorleren, dat kan altijd nog.’

Benieuwd naar meer? Alle columns van Amin lees je op www.uitgeverij-deviant.nl/columns-amin-asad.

Alles voor jullie

Amin is naast docent ook de auteur van het boek Alles voor jullie. Hierin vertelt hij zijn verhaal als zoon van Iraakse vluchtelingen die de dood in de ogen keken. Maar het is ook het verhaal van een jongen die veilig opgroeide in Nederland en hier de vrijheid had om zijn grootste passie te ontdekken: lesgeven. Het verhaal vertelt Amin Asad aan zijn studenten. Dit leidt tot verbinding, het krachtigste middel om elkaar echt te begrijpen. Met humor en emotie neemt Amin zijn lezer mee door de hartverscheurende geschiedenis van zijn ouders en deelt hij zijn persoonlijke manier van lesgeven.

Wil je als particulier Alles voor jullie bestellen, ga dan naar libris.nl. Scholen of instellingen kunnen het boek via onze webshop bestellen.