Startrekenen Entree volgens de makers: Demi Kauw

In januari 2024 begon Demi Kauw als educatief ontwikkelaar op de rekenredactie van Uitgeverij Deviant. Ze mocht meteen inspringen in een mooi project: de ontwikkeling van Startrekenen Entree, onze nieuwe thematische methode voor entreeopleidingen. Wat zijn haar ervaringen tot nu toe? En wat vindt ze van Startrekenen Entree? We vroegen het haar.

Startrekenen Entree volgens de makers: Demi Kauw

maandag, 6 januari, 2025

In januari 2024 begon Demi Kauw als educatief ontwikkelaar op de rekenredactie van Uitgeverij Deviant. Ze mocht meteen inspringen in een mooi project: de ontwikkeling van Startrekenen Entree, onze nieuwe thematische methode voor entreeopleidingen. Wat zijn haar ervaringen tot nu toe? En wat vindt ze van Startrekenen Entree? We vroegen het haar.

Demi, hoe ben je bij Uitgeverij Deviant terechtgekomen?

‘Ik kom uit het onderwijs: ik heb zo’n drie jaar voor de klas gestaan als basisschooldocent. Tijdens die periode raakte ik gefascineerd door het werken met lesmethodes: hoe komen die tot stand? Waar komen ze vandaan? Daar wilde ik graag iets mee doen, dus ik koos ervoor om de masterstudie Onderwijs en Innovatie aan de Vrije Universiteit Amsterdam te volgen. Bovendien heb ik een enorme voorliefde voor het rekenen. Wiskunde was altijd mijn lievelingsvak. Dus toen ik de vacature van educatief ontwikkelaar bij de rekenredactie zag, reageerde ik meteen. Tot nu toe ben ik hier helemaal op mijn plek.’

Toen je begon, kon je meteen aan de slag met een nieuwe methode.

‘Inderdaad, de redactie was net bezig met het opzetten van Startrekenen Entree. Mijn collega’s hadden een van de twaalf taken geschreven. Daar kon ik me mooi bij aansluiten; dat was een hele fijne binnenkomer.’

Waarom is besloten om Startrekenen Entree te ontwikkelen?

‘De entreestudenten staan aan een nieuwe start. Voor hen willen we graag iets moois maken. Zodat ze geen mengelmoes meer krijgen van werkbladen en stukjes uit verschillende methodes, maar kunnen zeggen: “Deze methode is voor ons”. Daarnaast is deze methode ook een mooie toevoeging aan ons fonds. Om naast Startrekenen MBO voor de niveaus 2, 3 en 4 ook nog de voorbereiding daarop te maken en dus een gat op te vullen. Dit is ontstaan door de introductie van de nieuwe rekeneisen.’

Heb je tijdens de ontwikkeling van Startrekenen Entree iets gehad aan je achtergrond als basisschooldocent?

‘Ik denk sowieso dat het heel goed is om een verscheidenheid te hebben op de redactie. Vanuit mijn docentenperspectief vroeg ik me af: hoe gebruiksvriendelijk is de methode? In het basisonderwijs zul je bijvoorbeeld nooit lesgeven zonder de docentenhandleiding erbij te pakken. Daarom ben ik echt voor een goede docentenhandleiding bij een rekenmethode. Die wilden we sowieso maken bij Startrekenen Entree, maar ik ben er wel heel trots op hoe die eruit is komen te zien.’

Wat maakt je trots?
‘De docentenhandleiding ziet er heel overzichtelijk uit. We hebben ervoor gekozen om de informatie in een mooie tabelvorm te gieten, wat heel prettig werkt. Het is gebruiksvriendelijk, want in plaats van zo’n lap tekst waarin je maar moet zoeken wat je nodig hebt, kun je alles direct vinden. Met deze docentenhandleiding hebben we echt iets neergezet dat docenten helpt om het klassikaal lesgeven weer wat eenvoudiger en toegankelijker te maken. En in het mbo is dat vaak best nog een uitdaging.’

Wat maakt Startrekenen Entree voor studenten toegankelijk?
‘Startrekenen Entree sluit heel goed aan bij de belevingswereld van studenten. Voor en tijdens het schrijfproces zijn we veel op scholen geweest om aan studenten te vragen wat ze nodig hebben in een rekenmethode. Ze gaven vooral aan op zoek te zijn naar het nuttige rekenen. Opdrachten die aansluiten bij situaties die ze nu, maar ook in de toekomst gaan tegenkomen.’

Hoe hebben jullie dat in Startrekenen Entree verwerkt?
‘Startrekenen Entree bestaat uit twaalf taken met relevante onderwerpen. In elke taak introduceren we een aantal personages. Die hebben ieder een verhaallijn die aansluit bij het onderwerp. Daardoor maak je de context van die onderwerpen gewoon heel herkenbaar. Een van de taken heet bijvoorbeeld ‘Trek je plan’. Hierin wordt de rekenvaardigheid ‘procenten’ behandeld. De personages die in deze taak voorkomen, zijn allemaal anders. Zo zit er voor iedere student wel iets herkenbaars tussen. We hebben bijvoorbeeld een personage dat wil doorstuderen. Hij stelt zich hierbij allerlei vragen: welke studie past bij mij, wat is de tevredenheidsscore van die studie, wat is de baankans? Allemaal vragen waarbij je aan de slag kunt gaan met procenten en waarbij studenten denken: ik snap waarom ik dit nodig heb.’