Motiverend burgerschapsonderwijs maakt kritische burgers

Op 1 augustus 2021 werd de wet ‘Verduidelijking van de burgerschapsopdracht aan scholen in het funderend onderwijs’ aangenomen. Hierdoor krijgt burgerschapsvorming een grotere en minder vrijblijvende rol in het basis- en voortgezet onderwijs. Het zet burgerschapsonderwijs op de kaart. Maar waarom is dat nodig en wat merkt het mbo daarvan? Sander Heebels, uitgever burgerschap, legt uit waarom we burgerschapsonderwijs binnen Uitgeverij Deviant zo belangrijk vinden en hoe wij onze visie vertalen naar de onderwijspraktijk.

Motiverend burgerschapsonderwijs maakt kritische burgers

maandag, 28 februari, 2022

Op 1 augustus 2021 werd de wet ‘Verduidelijking van de burgerschapsopdracht aan scholen in het funderend onderwijs’ aangenomen. Hierdoor krijgt burgerschapsvorming een grotere en minder vrijblijvende rol in het basis- en voortgezet onderwijs. Het zet burgerschapsonderwijs op de kaart. Maar waarom is dat nodig en wat merkt het mbo daarvan? Sander Heebels, uitgever burgerschap, legt uit waarom we burgerschapsonderwijs binnen Uitgeverij Deviant zo belangrijk vinden en hoe wij onze visie vertalen naar de onderwijspraktijk.

Waarom is de wet ‘Verduidelijking van de burgerschapsopdracht aan scholen in het funderend onderwijs’ nodig?
‘De moderne samenleving is complex en vraagt veel van mensen. Al vanaf jonge leeftijd worden leerlingen geconfronteerd met desinformatie en beïnvloeding. En op de arbeidsmarkt wordt van mensen verwacht dat zij zichzelf – ongeacht hun opleidingsniveau – een leven lang blijven ontwikkelen. Ook wordt er steeds vaker een beroep gedaan op de maatschappelijke betrokkenheid en participatie van burgers. Onderwijs in burgerschapsvorming wordt daarmee steeds relevanter. Door kinderen al van jongs af aan in hun kritische denken te trainen worden ze weerbaarder, bijvoorbeeld ten opzichte van nepnieuws en complottheorieën. Maar ze worden ook kritischer als consument en naar politici die eenzijdige informatie verspreiden.’

Welke gevolgen heeft dit voor burgerschapsonderwijs?
‘De nieuwe wet helpt om burgerschapsonderwijs in het basis- en voortgezet onderwijs te waarborgen. Bijvoorbeeld doordat bouwstenen zijn ontwikkeld voor het vormgeven van onderwijs over de pluriforme samenleving en de basisbeginselen van democratisch burgerschap. Daar hebben studenten en docenten in het mbo uiteindelijk ook baat bij. Deze basis stelt mbo-opleidingen namelijk in gelegenheid om burgerschap meer op de praktijk te richten. Wat hebben mbo-studenten nodig om na hun opleiding op eigen benen te staan, en wat helpt hen om zich te redden en te ontplooien op de arbeidsmarkt en in de maatschappij?’

Sander Heebels

“Door kinderen al van jongs af aan in hun kritische denken te trainen worden ze weerbaarder, bijvoorbeeld ten opzichte van nepnieuws en complottheorieën.”

Of dit lukt, ligt natuurlijk ook aan de studenten zelf. Hoe zorg je ervoor dat burgerschapsonderwijs motiverend is en dat studenten de meerwaarde van het vak inzien?
‘Daar kan deze wet in eerste instantie aan bijdragen. Als het vak meer status krijgt, ook in andere vormen van onderwijs, dan raken studenten ervan doordrongen dat burgerschapsonderwijs er als vak ook gewoon bij hoort. Net als dat je onderwijs krijgt in taal en rekenen. En dan zullen studenten meer gewend raken om over burgerschapsonderwerpen na te denken, bijvoorbeeld over het belang van grondrechten, de vorming van je identiteit of de manieren om inspraak te hebben in de politiek. Ze zullen sneller de relevantie ervan inzien voor hun eigen leven en gemotiveerder zijn om er iets over te leren.

Kunnen wij als educatieve uitgeverij bijdragen aan die motivatie?
‘Zeker! Ook een aansprekende methode met voldoende afwisseling kan een positieve invloed hebben op de motivatie van studenten en de status van het vak. Daarom letten wij erop dat onze methodes niet alleen voor veel leeropbrengst zorgen, maar vooral ook motiverend zijn. Dat doen we met name door de lesstof te koppelen aan betekenisvolle en herkenbare contexten. Daardoor ervaren studenten wat de meerwaarde van het vak is in hun dagelijks leven. En we maken veel gebruik van actualiteiten in ons lesmateriaal. Met onze online tool De Nieuwsrubriek en onze kant-en-klare #Trending-lesbrieven is het bijvoorbeeld gemakkelijk om het laatste nieuws in de klas te behandelen en door te praten over actuele kwesties. Daarnaast zorgen we voor veel afwisseling in onze methodes, zodat studenten hun aandacht nog beter bij de les kunnen houden. Dat doen we zowel in ons offline als online lesmateriaal, bijvoorbeeld in de vorm van filmmateriaal, interactieve afbeeldingen en activerende werkvormen.’

Ook docenten hebben een grote invloed op de motivatie van studenten. Hoe helpen wij hen om zo goed mogelijk burgerschap te geven?
‘Door iedere docent een methode te bieden die past bij zijn of haar manier van lesgeven. Het vak burgerschap kun je namelijk op veel verschillende manieren vormgeven. Je kunt bijvoorbeeld de focus leggen op het doorgronden van maatschappelijke dilemma’s of juist op het uitwisselen van eigen ervaringen. Ook kun je veelvuldig klassikaal in discussie gaan of studenten meer zelfstandig onderzoek laten doen. Wij geloven dat er niet één juiste aanpak is. De aanpak die je kiest hangt namelijk af van de doelen die je voor ogen hebt en de situatie waarin je studenten verkeren. Daarom bieden wij drie methodes aan, met elk een eigen methodiek. Zo kun je als docent altijd aansluiten bij de behoeften van jouw studenten. Dat draagt zeker bij aan de motivatie.’

“De aanpak die je kiest hangt af van de doelen die je voor ogen hebt en de situatie waarin je studenten verkeren.” 

Methodes burgerschap

Welke keuzemogelijkheden bieden jullie docenten dan?
‘Als je het als docent belangrijk vindt dat studenten brede kennis hebben van de maatschappij en weten hoe zaken geregeld zijn in Nederland, dan kun je het best onze methode Schokland inzetten. Schokland is een methode die gericht is op het opdoen van kennis over en het doorgronden van de samenleving. Hebben je studenten eenmaal de benodigde kennis, dan komen ze meer beslagen ten ijs bij het discussiëren over actuele maatschappelijke onderwerpen.

Als je echter vindt dat burgerschap vooral draait om het gesprek tussen studenten, elkaar beter leren begrijpen, standpunten uitwisselen en praktisch bezig zijn, dan past de methode Kies beter. Dat is een methode met veel activerende werkvormen die uitnodigt tot interactie, de nieuwsgierigheid van studenten prikkelt en hen aanspoort om op onderzoek uit te gaan. Momenteel zijn we Kies aan het herzien, zodat de methode volledig geactualiseerd is en gestaafd is aan de nieuwste didactische inzichten.

 

Daarnaast bieden we Burgerschap Compact aan. Deze methode is meer gericht op zelfstandigheid. Studenten werken namelijk zelfstandig de lesstof door, zoeken naar informatie en kijken hun eigen antwoorden na. Dat geeft jou als docent de mogelijkheid om in de les meer tijd te besteden aan interessante onderwerpen, bijvoorbeeld uit de actualiteit. Burgerschap Compact is zeer geschikt voor opleidingen met weinig contacturen, maar is ook goed in te zetten als je meer lestijd beschikbaar hebt. Dan heb je extra veel tijd om interessante kwesties aan te snijden of discussies te voeren.’

Deze verschillen tussen de methodes zorgen voor keuzevrijheid voor docenten. Maar wat is hun verbindende factor?
‘Ten eerste bieden onze methodes allemaal dezelfde solide basis. Zo heeft elke methode een duidelijke leerlijn die helpt om structuur aan te brengen in de les. Daarnaast biedt elke methode verschillende toetsvormen waarmee studenten kunnen nagaan wat ze hebben geleerd. Voor Schokland hebben we bijvoorbeeld dimensietoetsen ontwikkeld, die vooral kennisgericht zijn, maar we bieden bij iedere methode ook eindopdrachten en portfolio-opdrachten. Deze vorm van toetsing is er vooral op gericht dat studenten aantonen dat ze hun kritische denkvaardigheden hebben ontwikkeld. Dat is overigens nog zo’n rode draad die door al onze methodes loopt: we besteden veel aandacht aan de ontwikkeling van het kritisch denkvermogen van studenten.’

Want dat is de kern van burgerschapsonderwijs, dat kritische denken?
‘Het is zeker een belangrijk aspect. Daarom zit het verweven in onze methodes. En als er in het basis- en voortgezet onderwijs meer aandacht komt voor kritisch denken, zijn studenten op het mbo al meer gewend om hiertoe te worden uitgenodigd. De basis van het burgerschapsonderwijs wordt steviger, waardoor je op het mbo meer de diepte in kunt en studenten nog beter kan helpen om weerbare en kritische burgers te worden.’